Eten en Voeding in het Engels

Woordenschat vormt de basis van elke taal dus is het belangrijk dat je voldoende woorden kent om je te kunnen uitdrukken. Eten en drinken komt veel ter sprake in bijna elke conversatie. In dit artikel heb je een overzicht van de meest gebruikte woorden om over eten te praten in het Engels.

De woorden staan gegroepeerd per soort maaltijd zodat je snel de juiste woorden kan zoeken als je bijvoorbeeld wil praten over wat je deze ochtend als ontbijt gegeten hebt. Onderaan de pagina vind je ook oefeningen om te kijken of je de woorden al onder de knie hebt.

Woordenschat om over eten te praten

Hieronder heb je de woordenschat om over eten te praten in het Engels. Je vindt hier algemene woordenschat, woordenschat over het ontbijt, de hoofdmaaltijd en het nagerecht.

Algemene woordenschat

Dit is algemene woordenschat die niet bij een specifieke maaltijd hoort, maar wel te maken heeft met eten.

NederlandsEngels
avondetendinner
boodschappengroceries
bordplate
dieetdiet
etensrestjesleftovers
gerechtdish
hoofdmaaltijdmain course
ingrediëntingredient
nagerechtdessert
kinderportiechildren’s portion
kokento cook
lepelspoon
maaltijdmeal
mesknife
middagetenlunch
ontbijtbreakfast
portieportion
receptrecipe
smaakflavour (BrE) / flavor (AmE)
voorgerechtstarter
vorkfork

Ontbijt

Hieronder vind je woordenschat die gaat over het ontbijt.

NederlandsEngels
boterbutter
broodbread
een brooda loaf of bread
een sneetje brood / boterhama slice of bread
confituurjam
eiegg
geroosterd broodtoast
hamham
honinghoney
kaascheese
ontbijtgranencereal
pindakaaspeanut butter
spekbacon
yoghurtyoghurt

Hoofdmaaltijd

Dit zijn woorden die te maken hebben met de hoofdmaaltijd en het hoofdgerecht.

NederlandsEngels
biefstuksteak
eendduck
frietenFrench fries / chips
gehaktminced meat
gehaktbalmeatball
goed doorbakkenwell done
half doorbakkenmedium rare
hamburgerhamburger
jusgravy
kalfsvleesveal
kalkoenturkey
kippenborstchicken breast
kort gebakkenrare
lamsvleeslamb
pastapasta
rijstrice
rosbiefroast beef
rundsvleesbeef
saussauce
schapenvleesmutton
soepsoup
varkensvleespork
visfish
vleesmeat
worstsausage

Dessert – nagerecht

Dit zijn woorden die allemaal gaan over het nagerecht.

NederlandsEngels
cakecake
chocoladechocolate
gebakpastry
honinghoney
koekjecookie / biscuit
pannekoekpancake
puddingpudding
roomijsice cream
slagroomwhipped cream
snoepsweets / candy
suikersugar
taartpie

Oefeningen

Gerelateerde artikels