Oefeningen

Once, ones of one's Oefening 5 Taalhulp Engels

Once, Ones of One’s Oefening 5

Once, ones en once’s lijken op elkaar en worden op dezelfde manier uitgesproken, maar hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

Once, ones of one's Oefening 4 Taalhulp Engels

Once, Ones of One’s Oefening 4

Once, ones en once’s lijken op elkaar en worden op dezelfde manier uitgesproken, maar hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

Once, ones of one's Oefening 3 Taalhulp Engels

Once, Ones of One’s Oefening 3

Once, ones en once’s lijken op elkaar en worden op dezelfde manier uitgesproken, maar hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

Once, ones of one's Oefening 2 Taalhulp Engels

Once, Ones of One’s Oefening 2

Once, ones en once’s lijken op elkaar en worden op dezelfde manier uitgesproken, maar hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

Once, ones of one's Oefening 1 Taalhulp Engels

Once, Ones of One’s Oefening 1

Once, ones en once’s lijken op elkaar en worden op dezelfde manier uitgesproken, maar hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

Which, Witch of With Oefening 5 Taalhulp Engels

Which, Witch of With Oefening 5

Which, witch en with lijken op elkaar en worden bijna op dezelfde manier uitgesproken, maar hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

Which, Witch of With Oefening 4 Taalhulp Engels

Which, Witch of With Oefening 4

Which, witch en with lijken op elkaar en worden bijna op dezelfde manier uitgesproken, maar hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

Which, Witch of With Oefening 3 Taalhulp Engels

Which, Witch of With Oefening 3

Which, witch en with lijken op elkaar en worden bijna op dezelfde manier uitgesproken, maar hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

Which, Witch of With Oefening 2 Taalhulp Engels

Which, Witch of With Oefening 2

Which, witch en with lijken op elkaar en worden bijna op dezelfde manier uitgesproken, maar hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

Which, Witch of With Oefening 1 Taalhulp Engels

Which, Witch of With Oefening 1

Which, witch en with lijken op elkaar en worden bijna op dezelfde manier uitgesproken, maar hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

No, Know of Now Oefening 5 Taalhulp Engels

No, Know of Now Oefening 5

No, know en now lijken op elkaar en worden bijna op dezelfde manier uitgesproken, maar hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

No, Know of Now Oefening 4 Taalhulp Engels

No, Know of Now Oefening 4

No, know en now lijken op elkaar en worden bijna op dezelfde manier uitgesproken, maar hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

No, Know of Now Oefening 3 Taalhulp Engels

No, Know of Now Oefening 3

No, know en now lijken op elkaar en worden bijna op dezelfde manier uitgesproken, maar hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

No, Know of Now Oefening 2 Taalhulp Engels

No, Know of Now Oefening 2

No, know en now lijken op elkaar en worden bijna op dezelfde manier uitgesproken, maar hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

No, Know of Now Oefening 1 Taalhulp Engels

No, Know of Now Oefening 1

No, know en now lijken op elkaar en worden bijna op dezelfde manier uitgesproken, maar hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

Your of You're Oefening 5 Taalhulp Engels

Your of You’re Oefening 5

Your en you’re lijken op elkaar en worden op dezelfde manier uitgesproken, maar hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

Your of You're Oefening 4 Taalhulp Engels

Your of You’re Oefening 4

Your en you’re lijken op elkaar en worden op dezelfde manier uitgesproken, maar hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

Your of You're Oefening 3 Taalhulp Engels

Your of You’re Oefening 3

Your en you’re lijken op elkaar en worden op dezelfde manier uitgesproken, maar hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

Your of You're Oefening 2 Taalhulp Engels

Your of You’re Oefening 2

Your en you’re lijken op elkaar en worden op dezelfde manier uitgesproken, maar hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

Your of You're Oefening 1 Taalhulp Engels

Your of You’re Oefening 1

Your en you’re lijken op elkaar en worden op dezelfde manier uitgesproken, maar hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

To Too of Two Oefening 5 Taalhulp Engels

To, Too of Two Oefening 5

To, too en two lijken op elkaar en worden op dezelfde manier uitgesproken, maar ze hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

To Too of Two Oefening 4 Taalhulp Engels

To, Too of Two Oefening 4

To, too en two lijken op elkaar en worden op dezelfde manier uitgesproken, maar ze hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

To Too of Two Oefening 3 Taalhulp Engels

To, Too of Two Oefening 3

To, too en two lijken op elkaar en worden op dezelfde manier uitgesproken, maar ze hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

To Too of Two Oefening 2 Taalhulp Engels

To, Too of Two Oefening 2

To, too en two lijken op elkaar en worden op dezelfde manier uitgesproken, maar ze hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

To Too of Two Oefening 1 Taalhulp Engels

To, Too of Two Oefening 1

To, too en two lijken op elkaar en worden op dezelfde manier uitgesproken, maar ze hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

Its of it's Oefening 5 Taalhulp Engels

Its of It’s Oefening 5

Its en it’s lijken op elkaar en worden op dezelfde manier uitgesproken, maar ze hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

Its of it's Oefening 4 Taalhulp Engels

Its of It’s Oefening 4

Its en it’s lijken op elkaar en worden op dezelfde manier uitgesproken, maar ze hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

Its of it's Oefening 3 Taalhulp Engels

Its of It’s Oefening 3

Its en it’s lijken op elkaar en worden op dezelfde manier uitgesproken, maar ze hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

Its of it's Oefening 2 Taalhulp Engels

Its of It’s Oefening 2

Its en it’s lijken op elkaar en worden op dezelfde manier uitgesproken, maar ze hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

Its of it's Oefening 1 Taalhulp Engels

Its of It’s Oefening 1

Its en it’s lijken op elkaar en worden op dezelfde manier uitgesproken, maar ze hebben een andere betekenis. In deze oefening moet je de juiste vorm invullen.

Lay of Lie Oefening 5 Taalhulp Engels

Lay of Lie Oefening 5

Lay en lie worden soms door elkaar gebruikt. Dit is een oefening waarin je de juiste vorm moet invullen in 10 zinnen.

Lay of Lie Oefening 4 Taalhulp Engels

Lay of Lie Oefening 4

Lay en lie worden soms door elkaar gebruikt. Dit is een oefening waarin je de juiste vorm moet invullen in 10 zinnen.

Lay of Lie Oefening 3 Taalhulp Engels

Lay of Lie Oefening 3

Lay en lie worden soms door elkaar gebruikt. Dit is een oefening waarin je de juiste vorm moet invullen in 10 zinnen.

Lay of Lie Oefening 2 Taalhulp Engels

Lay of Lie Oefening 2

Lay en lie worden soms door elkaar gebruikt. Dit is een oefening waarin je de juiste vorm moet invullen in 10 zinnen.

Lay of Lie Oefening 1 Taalhulp Engels

Lay of Lie Oefening 1

Lay en lie worden soms door elkaar gebruikt. Dit is een oefening waarin je de juiste vorm moet invullen in 10 zinnen.

There Their They're Oefening 5 Taalhulp Engels

There, Their of They’re Oefening 5

Sommige mensen weten niet welke ze moeten kiezen: there, their of they’re. In deze oefening leer je de juiste vorm kiezen in de juiste context.

There Their They're Oefening 4 Taalhulp Engels

There, Their of They’re Oefening 4

Sommige mensen weten niet welke ze moeten kiezen: there, their of they’re. In deze oefening leer je de juiste vorm kiezen in de juiste context.

There Their They're Oefening 3 Taalhulp Engels

There, Their of They’re Oefening 3

Sommige mensen weten niet welke ze moeten kiezen: there, their of they’re. In deze oefening leer je de juiste vorm kiezen in de juiste context.

Than of then Oefening 5 Taalhulp Engels

Than of Then Oefening 5

Sommige mensen weten niet wanneer ze than of then moeten gebruiken. In deze oefening kan je oefenen op het kiezen van de juiste vorm.

Than of then Oefening 4 Taalhulp Engels

Than of Then Oefening 4

Sommige mensen weten niet wanneer ze than of then moeten gebruiken. In deze oefening kan je oefenen op het kiezen van de juiste vorm.